Prins: ‘Café is op basis van geruchten gesloten’

GRONINGEN/KOLLUMERZWAAG

Café Prins in Kollumerzwaag is op basis van geruchten gesloten. Dit zei juriste Sheila Meijer die horecaondernemer Melle Prins bijstond in een kort geding in Groningen. De gemeente Kollumerland besloot 6 juni het café voor een half jaar dicht te gooien vanwege ernstige verstoring van de openbare orde. Er werd drugs gedeald en gevochten in die kroeg, vond de gemeente.

,,Het is van de zotte dat deze desastreuze sluiting op basis van ‘horen zeggen’ is genomen”, zei Meijer. Volgens haar is niet daadwerkelijk vastgesteld en aangetoond dat in café Prins in drugs werd gehandeld. Meijer: ,,Het kan toch niet zo zijn dat verklaringen van mensen die zelf drugs hebben gebruikt en onder invloed zijn, worden gebruikt voor een besluit als deze”. Er zijn 800 verklaringen van bezoekers die niets over drugs zeggen, maar die menen zich wel thuis te voelen in dit café. Meijer: ,,Het hele besluit druist in tegen de beginselen van een goede procesorde”.

Volgens Ivo van der Meer, de advocaat van de gemeente, is er gedeald en gebruikt binnen het café. Dit werd door 33 mensen verklaard. Prins kreeg in januari al eens een waarschuwing opgelegd vanwege drugshandel en –gebruik binnen de kroeg. De dealers zijn 7 maart opgepakt. Tegen hen loopt nog een strafproces. De burgemeester werd pas in mei geïnformeerd. ,,Dat was inderdaad erg laat”, zei Van der Meer. Kroegbaas Melle Prins haakte op dit pleidooi in door te melden: ,,Van de 33 personen die hebben verklaard, daar zitten drie personen bij die al een jaar lang een lokaalverbod hebben”.

De sluiting van zijn onderneming vindt Prins 'buitenproportioneel' gezien de inkomstenderving. Voor de gemeente wegen de volksgezondheid en dat drugs als nadelig effect criminaliteit aantrekt zwaarder dan de belangen van de uitbater. Volgens Van der Meer zoeken daarnaast minderjarigen hun vertier in die kroeg. Van der Meer: ,,Er mist een plan van aanpak waarin de nadruk ligt op bescherming van jongeren tegen gebruik en dealen van cocaïne”. De rechter doet vermoedelijk binnen een week uitspraak.

Tekst Karin Smalbil