Werkstraffen geëist voor 'serieuze woningoverval' in Oosterwolde

LEEUWARDEN/OOSTERWOLDE

Samen met zijn beste vriend uit Lisserbroek (27) ging een 23-jarige inwoner van Dokkum de dag na Valentijnsdag naar de woning van zijn vriendin aan de Stegingaweg in Oosterwolde. Om te praten, of de relatie uit te maken, of om dure cadeaus terug te halen. Dat bleef dinsdag tijdens de rechtszaak tegen het tweetal een beetje in de lucht hangen. Het was wel behoorlijk uit de hand gelopen.

De Dokkumer had de ruiten van de voordeur van de woning van zijn vriendin met de veer van een vrachtwagen ingeslagen. Zijn vriend had eerst al tegen de deur getrapt. In de woning bevonden zich de vriendin van de Dokkumer en haar ex-vriend. De laatste werd door de Lisserbroeker mee naar buiten genomen. In een nekklem volgens de ex-vriend, maar dat bestreed de Lisserbroeker. Hij zou zijn arm om de schouder van de man hebben gehad.

Binnen was er een confrontatie tussen de Dokkumer en zijn vriendin. De Dokkumer zou naar Oosterwolde zijn gereden om te praten. Toen hij de auto van de ex van zijn vriendin op de oprit zag staan, zouden de stoppen zijn doorgeslagen. In de woning zou hij zijn vriendin een paar keer met de ijzeren veer op het bovenbeen hebben geslagen. Volgens hem had hij één tik uitgedeeld geslagen, omdat zij hem in het gezicht sloeg.

Hij wilde de dure cadeaus terughebben die zij van hem had gekregen: een iPhone 8 en een iPad. De Dokkumer had voor de spullen betaald en vond dat ze dan ook van hem waren. 'Ik heb altijd gezegd, als het uitgaat wil ik de spullen terug', zei hij. Zowel de vriendin als haar ex liepen schaafwonden en bloeduitstortingen op.

Het hele incident deed officier van justitie Maritta van Woudenberg denken aan 'een serieuze woningoverval'. De twee verdachten waren maar een paar minuten binnen geweest, maar ze hadden volgens Van Woudenberg 'een ravage achtergelaten'. Zij vond dat de Dokkumer geen recht meer had op de spullen. 'Als je iets weggeeft, is het niet meer van jou'.

De Dokkumer heeft adhd, pdd-nos en is daardoor verminderd toerekeningsvatbaar. Net als de Lisserbroeker heeft hij een verstandelijke beperking. Advocaat Willemijn Kuper verzocht de rechtbank om daar rekening mee te houden. De officier deed dat en volgde het advies van de reclassering om in het geval van de Dokkumer het adolescentenstrafrecht toe te passen. Van Woudenberg eiste voor beide verdachten een werkstraf van 180 uur en een half jaar voorwaardelijke celstraf. Verder zou de Dokkumer twee jaar lang -de duur van de proeftijd- geen contact met zijn ex mogen opnemen.

De Leeuwarder rechtbank doet op 9 oktober uitspraak.