Column John Coenders | Wijs met vaarbewijs

Varend op de Dokkumer Ee, Margietkanaal, van Starkenburg kanaal of Jeltesloot is er zeker in het hoogseizoen vaak sprake van voorbijvaren, oplopen en voorbijlopen. Wat betekenen deze termen volgens het vaarreglement? Welke zijn de regels volgens het BPR en wat betekenen deze in de praktijk?

Oplopen en voorbijlopen

Oplopen wil zeggen dat “een schip een ander schip nadert uit een richting van meer dan 22°30’ achterlijke dan dwars”. Voorbijlopen is de manoeuvre “die het gevolg is van oplopen totdat de schepen geheel vrij van elkaar zijn gevaren”.

Twee schepen varen elkaar voorbij als ‘zij elkaar naderen op koersen die recht of vrijwel recht aan elkaar tegengesteld zijn en elkaar passeren’.

Welke zijn nu de rechten en plichten van oplopers, voorbijlopers en de voorbijgelopen schepen, volgens het BPR?

In tekening 1 (links) wil het klein zeilschip het andere zeilschip voorbijvaren aan zijn stuurboordskant, mag dat? In tekening 2 loopt het kleine motorschip het andere motorschip aan zijn bakboordzijde voorbij, mag dat?

In tekening 3 wil het oplopend vrachtschip het kleine motorschip aan zijn bakboordzijde voorbijlopen. Het kleine zeilschip dat dan voorbij wordt gevaren vaart aan zijn stuurboordwal, mag het vrachtschip voorbijlopen?

Reacties: www.wijsmetvaarbewijs.nl