Bútsoeker blij met nieuwe plannen voor zijn 'moaie rommel'

Het bútgoed van Leendert Ferwerda ging zaterdagochtend grif van de hand. De 77-jarige jutter zag dat het goed was: ,,Ik fyn ’t mooi dat ânderen myn ‘mooie rommel’ ok mooi fine.’’

,,’t Gaat soa mooi as wat.’’ Het is zaterdagochtend tien uur en de Bildtse ‘bútsoeker’ Leendert Ferwerda geeft z’n indrukwekkende juttersverzameling weg. Een uur nadat hij de eerste liefhebbers heeft verwelkomd, kan hij oprecht zeggen dat hij blij is met z’n beslissing om het juttersgoed van de hand te doen. Verdriet om het afscheid heeft plaats gemaakt voor vreugde om de plannen die de nieuwe eigenaren hebben met zijn netten, boeien, drijvers en andere vondsten.

De 77-jarige jutter verzamelde decennialang alles wat aanspoelde langs de Bildse kust. Oktober 2006 verhuisde hij het grootste deel van zijn buit van zijn achtertuin in Sint Annaparochie naar Marrum, waar recreatiebedrijf Seedykster Toer de verzameling in bruikleen kreeg. Nu die onderneming verkocht is, kan Ferwerda er zijn spul niet meer tentoonstellen. ,,En wêr most ik d’r met hine? D’r waren wel goenent dy saaien: ’t kin wel tydlik bij mij. Maar dan most ik dêrna alles nag ’n keer deur de hannen hewwe.’’

Opslag

En dus deed Ferwerda vorige week een spontane oproep in televisieprogramma Hea! van Omrop Fryslân: de liefhebber mocht z’n ‘mooie rommel’ komen halen. En zo komt het dat bijvoorbeeld Tjallien Kalsbeek uit Grou door de mist naar Marrum reed. ,,Ik haw in tún mei it tema strân’’, zegt ze, sjouwend met een joekel van een visnet. Ferwerda maakt een foto van Kalsbeek en haar vriendin Tryntsje Postma. En dat doet hij bij alle bezoekers met buit. Grinnikend: ,,At ik myn spul werom hewwe wil, weet ik wêr’t ik weze mot.’’

Klaas de Graaf sleept een roestige metalen boei mee naar huis en een handvol felgekleurde boeiballen. Hij zet ze in de tuin voor zijn woning in Drachten of bij de stacaravan in Callantsoog. Dat mag zijn vrouw Dina beslissen. De Graaf verklapt aan Ferwerda dat hij na een storm zo vaak op het Noord-Hollandse strand gezocht heeft naar aangespoelde boeien, maar dat hij altijd achter het net viste. ,,Se wienen my altyd foar. En no haw ik se.’’

Pronkstuk

Er zijn mensen die boeien meenemen en er een kandelaar van maken. ,,Dy stoppe ’n keers in ’t gat.’’ Mensen van de stichting Surf Art die van ocean trash - in dit geval plastic touw - armbandjes maken. Mensen die viskisten meenemen, omdat er lekker veel in kan en je ze op kunt stapelen in de schuur. En iemand die de lekgeprikte opblaaspop ‘’t lyk fan Swarte Haan’ die Ferwerda uit het slik redde - het pronkstuk van de verzameling - wil gebruiken om z’n collega’s te laten schrikken.

,,Prachtig dochs’’, stelt Ferwerda. Hij had nooit gedacht dat anderen zo blij zouden zijn met juttersgoed dat ze niet zelf gevonden hebben. ,,Ik fyn ’t mooi dat ânderen myn ‘mooie rommel’ ok mooi fine. Dat ’t ok foor hur niet soamaar ’n driver of ’n stik tou is. ’t Spul krijt ’n nije bestimming.’’

Z’n mooiste vondsten, waaronder een aantal viskisten en reddingsboeien, houdt Ferwerda zelf, het staat al in het hok achter z’n woning. De verzamelde flessenpost - Ferwerda heeft in de voorbij jaren meer dan tweehonderd brieven gevonden, vaak ook nog beantwoord en in mappen bewaard - wordt tentoongesteld in waddenherberg The Friezinn, de nieuwe zaak in Westhoek. Voor het restant, het spul dat niemand wil hebben, regelde Ferwerda een container. ,,Dêr kin 6 kuub in, maar ik dink niet dat-y fol komt.’’