IFKS Primeur It Doarp Eastermar en Avontuur en Tammo Oosterhof

Lemmer

Douwe Tadema vloog zaterdagmiddag in het zicht van de finish van de slotwedstrijd zeiladviseur Tammo Oosterhof om de hals van blijdschap. Oosterhof werkte dit seizoen eerder mee aan het algemeen kampioenschap van Douwe Visser van Grou bij de SKS. Bij de finale van de IFKS in de Lemster baai deelde hij de vreugde nu met schipper Geale Tadema van It Doarp Eastermar, diens broer Douwe en hun vader. Voor de eerste keer lag de kampioenskrans daarmee klaar voor de Eastermarders die deels in ‘Douwe Grou’ een leermeester en voorganger kennen.

De Tadema’s  sloegden de handen in de lucht bij de overwinning, maar  schreven de prestaties vooral toe aan het hard werken van het totale team dat super constant presteerde. Zo behaalde It Doarp Eastermar tweemaal een eerste plaats, eenmaal een tweede, tweemaal een vijfde en eenmaal een zesde. “Prachtich”, reageerde Geale Tadema over het gemiddelde. “In echt hiele moaie searje”.

Met een opvallende kalmte koerste hij dit jaar op het kampioenschap aan: een bijzonder jaar met een lancering in het water na een aanvaring met Drie Gebroeders van Arend Wisse de Boer van Gorredijk. Ook een enerverend jaar met tot op de slotdag na aftrek evenveel wedstrijdpunten als de grootste rivaal Sikke Heerschop van Wylde Wytse: 12,9.


Strafrondje rivaal
Een massaal valse start, bij de herstart een dreigende U-vlag, het uitleggen van een nieuwe route door de van west naar noord ruimende wind, striemende buien en vlak voor de finish een windkracht met woeste vlagen tot 7. De slotwedstrijd kreeg al met al een totaal onvoorspelbaar karakter.

Nadat It Doarp Eastermar als eerste de bovenwindse boei ruim voor de achtervolgers rondde, konden buien en vlagen alle kaarten plotseling keren. Gelukkig voor de Eastermarders slaagde Sikke Heerschop er door pittige concurrentie van Ton Brundel van Lytse Lies niet in de bovenste boei scherp te ronden. Na deze licht aangetikt te hebben, moest hij noodgedwongen een strafrondje maken. Heerschop schakelde zichzelf daardoor uit als rivaal, zodat It Doarp Eastermar zelfverzekerd de voorsprong kon uitbouwen. Klaas Kuperus kwam met De Zes Gebroeders uit Makkum als tweede door de finish en Ton Brundel als derde. Ulbe Zwaga van Waaksdom uit Joure finishte als enige niet vanwege een kapotte voorstag.


Strafpunten
De druiven voor Kuperus waren zuur door een gang van zaken die een zeldzaam karakter kent. Hij moest eerder drie strafpunten noteren, omdat een lijst met bemanningsleden niet ingeleverd zou zijn. Deze punten werden na intern overleg gewist, maar Brundel won een protest tegen deze herziening. De drie strafpunten kwamen dus voor de tweede keer achter Kuperus zijn naam met als gevolg dat hij met twee wedstrijdpunten meer dan Brundel zich naast het erepodium zeilde. Het algemeen klassement werd, met stip, aangevoerd door Geale Tadema met 13,8 punten. Het zilver belandde bij Sikke Heerschop van Wylde Wytse uit Rotterdam met 21,9 en het brons bij Ton Brundel van Lytse Lies uit Gaastmeer met 23 punten.


Skûtsje om
Forse vlagen dunden eerder de vloot van de klasse A-klein uit. Een aantal schippers trok zich halverwege de strijd terug, omdat ze langer doorzeilen niet verantwoord vonden. Debet hieraan was ook het omslaan van Stad Harlingen van Sikke Tichelaar. Bij de onderwindse boei zag de bemanning geen enkele kans meer de touwen te laten vieren. Hun schip viel dan ook ten prooi aan het wilde karakter van een snel toenemende wind en aanzwellende golven. In die extreme omstandigheden duurde het ettelijke minuten voordat een reddingschip, dat bovenwinds lag, het skûtsje vlot kon trekken. De totale bergingsoperatie vergde ruim een kwartier.

Terwijl de bemanning van Stad Harlingen een veilig heenkomen zocht, dreunden de luiken op Avontuur van Age Bandstra uit Heeg een vreugdedans. Ook voor de eerste keer behaalde hij een klinkende overwinning die resulteerde in het algemeen kampioenschap. Tweede bij de finale werd Rutger Boonstra van Hoop op Welvaart uit Sneek en derde Sjoerd Kleinhuis van Lytse Earnewȃldster uit Earnewȃld. In het algemeen klassement nam Age Bandstra met 9,8 punten de eerste plaats in voor Rutger Boonstra met 10,9. Sjoerd Kleinhuis die na dertig jaar afscheid van de vloot neemt, houdt met 14,8 punten brons over aan zijn allerlaatste skûtsjewedstrijd bij de IFKS.


Vader-zoon
In de B-klasse won Gerrit Huisman van Ut ‘e Striid van Galadammen de finale voor Arjen de Jong van Grytsje Obes uit Koudum en Ron Syperda van Ale uit Heeg. Kampioen in deze klasse werd Arjen de Jong van Grytsje Obes met 15,9 punten, tweede Walter de Vries met Goede Verwachting uit Sloten met 17,7 punten en derde Wytse Heerschop van Woeste Anne uit Dubai met 22,9 punten. Het drietal zal komend jaar promoveren naar de hoofdklasse. In 2019 zal voor het eerst in de hoofdklasse een vader tegen een zoon de strijd aanbinden: Sikke Heerschop tegen zoon Wytse.


Vijf dagzeges
In de C-klasse werd de strijd zaterdag gewonnen door Jan Visser van Zeldenrust uit Heeg. Tweede werd Hartman Witteveen van Freonskip uit Blauwhuis en derde Piter Jilles Tjoelker van Sterke Jerke uit Earnewȃld. Met vijf dagzeges en slechts 6,5 punten heeft Tjoelker beslag gelegd op de kampioenskrans, zodat hij met zijn jong team komend jaar in de B-klasse mag uitkomen. Tweede in het algemeen klassement werd Jan Visser met Zeldenrust met 9,8 punten en derde Jehanne Prins van Lege Wȃlden uit Terherne met 24 punten.

Sterke Jerke ontving dit jaar ook de provinciale prijs voor het meest originele skûtsje, een cheque ter waarde van vijfhonderd euro.

 

 

 


Auteur

jelle.raap